Hoe vermindert beton stedelijke oververhitting?

Dit wordt het "hitte-eiland-effect" genoemd. Het wordt verklaard door de hogere warmteabsorptie tijdens de dag van materialen die in stedelijke gebieden worden gebruikt.

Deze warmte wordt vervolgens 's avonds of' s nachts opnieuw afgegeven, waardoor de omgevingstemperatuur stijgt. Dit fenomeen is bijzonder schadelijk, omdat het ook het risico op SMOG en luchtvervuiling verhoogt, evenals het energieverbruik voor airconditioning. Een concept kan dit effect tegengaan: dat van "koele trottoirs", bestaande uit verschillende oppervlakken, een beetje reflecterend licht en andere, die de verdamping van water mogelijk maken. In feite hebben lichtgekleurde oppervlakken zoals beton een hoger niveau van lichtreflectie en verminderen daarom de warmte die wordt geabsorbeerd. Poreuze oppervlakken en grasbedekkingen hebben ook een gunstige invloed. Een verstandige keuze maken voor het afdekken van een openbare ruimte is daarom een positieve bijdrage aan het milieu en de volksgezondheid.

Het vermogen om lichtstralen – dus energie – te weerkaatsen wordt bepaald door het “albedo” van een oppervlak. Albedo wordt uitgedrukt als de verhouding van de weerkaatste ten opzichte van de ingevallen zonne-energie; hoe hoger dit percentage, hoe meer energie terug de atmosfeer wordt ingestuurd. Gemiddeld bedraagt het albedo van de aarde 0,35 : 35 % van de zonne-energie wordt weerkaatst terwijl 65 % wordt geabsorbeerd. 

Door gebruik te maken van deze eigen - schap kan zelfs het globaal opwar - mingseffect vertraagd worden, namelijk door meer reflecterende oppervlakken te voorzien op aarde : witte daken en betonverhardingen! Dit werd door wetenschappers van de “Heat Island Group” bestudeerd aan de universiteit van Berkely (Californië, U.S.). Zij verge - leken enerzijds de invloed van albedo en anderzijds de invloed van de atmo - sferische CO 2-concentratie op het netto stralingsvermogen dat verantwoordelijk is voor de opwarming van de aarde. Zij berekenden dat een toename met één percent in de albedo van een oppervlak overeenstemt met een vermindering aan CO2-uitstoot van 2,5 kg per m² aardoppervlak.

Een betonverharding heeft ten opzichte van een bitumineuze verharding een Δalbedo van 10 à 15% en leidt dus tot een vermindering aan CO2 van 25 à 38 kg/m² oppervlak. De lagere warmteopname van lichte oppervlakken zoals beton draagt ook bij tot de vermindering van het hitte-eiland-effect. Onderstaande foto toont een thermisch beeld van een achter elkaar gelegen asfalt- en betonverharding. De meting gebeurde in augustus 2007 omstreeks 17 u in licht bewolkte toestand en het temperatuursverschil tussen beide wegverhardingen bedroeg ongeveer 11° C. Een ander type van koele oppervlakken zijn de waterdoorlatende verhardingen die water in de structuur kunnen bergen. Door verdamping van het water aan het oppervlak wordt warmte aan de verharding onttrokken gelijkaardig aan oppervlakken met vegetatie. De combinatie van een waterdoorlatend oppervlak met grasbegroeiing is in deze context voordelig. Uiteraard geldt voordergelijke verhardingen dat ze in de eerste plaats het water ter plaatse bufferen en laten infiltreren zodat ze al een belangrijke bijdrage leveren aan een duurzaam waterbeheer

Raadpleeg het artikel van het tijschrift BETON 236